O slideshow foi denunciado.
Seu SlideShare está sendo baixado. ×

Geloven, bidden en volhouden (C29 Ten Bos 2022)

Anúncio
Anúncio
Anúncio
Anúncio
Anúncio
Anúncio
Anúncio
Anúncio
Anúncio
Anúncio
Anúncio
Anúncio

Confira estes a seguir

1 de 49 Anúncio

Geloven, bidden en volhouden (C29 Ten Bos 2022)

Baixar para ler offline

Teksten en liederen die geprojecteerd werden tijdens de negenenentwintigste zondag door het jaar C (C29 2022) op Ten Bos– Sint Amanduskerk Erembodegem. De teksten van onze vieringen zijn te vinden op de website: https://www.kerknet.be/parochie-aalst-hopparochie/inspiratie/vieringen-op-ten-bos

Teksten en liederen die geprojecteerd werden tijdens de negenenentwintigste zondag door het jaar C (C29 2022) op Ten Bos– Sint Amanduskerk Erembodegem. De teksten van onze vieringen zijn te vinden op de website: https://www.kerknet.be/parochie-aalst-hopparochie/inspiratie/vieringen-op-ten-bos

Anúncio
Anúncio

Mais Conteúdo rRelacionado

Mais de Ten Bos (20)

Mais recentes (20)

Anúncio

Geloven, bidden en volhouden (C29 Ten Bos 2022)

  1. 1. Die het lijden van de mensen uit jouw verste verte ziet: onderworpen aan de sterksten zo wil jij de mensen niet. Doe ons zien wat om ons is: tranen nog niet uitgewist mensen die niet leven mogen. Open jij nu onze ogen. Die het zuchten van de mensen in jouw diepste stilte hoort, kreten woede en verwensing stille onmacht zonder woord. geef geslagen mensen stem, niet in onmacht vastgeklemd niemand mag bij jou verloren. Open jij nu onze oren. Jij trekt mee om te bevrijden, brengt ons naar de overkant, daar zul jij de mensen leiden naar jouw toekomst: goed nieuw land. Neem ons allen bij de hand, naar jouw toekomst: goed nieuw land, dat wij ons gedragen weten. Ga met ons een weg van vrede.
  2. 2. Die het lijden van de mensen uit jouw verste verte ziet: onderworpen aan de sterksten zo wil jij de mensen niet. Doe ons zien wat om ons is: tranen nog niet uitgewist mensen die niet leven mogen. Open jij nu onze ogen. Die het zuchten van de mensen in jouw diepste stilte hoort, kreten woede en verwensing stille onmacht zonder woord. geef geslagen mensen stem, niet in onmacht vastgeklemd niemand mag bij jou verloren. Open jij nu onze oren. Jij trekt mee om te bevrijden, brengt ons naar de overkant, daar zul jij de mensen leiden naar jouw toekomst: goed nieuw land. Neem ons allen bij de hand, naar jouw toekomst: goed nieuw land, dat wij ons gedragen weten. Ga met ons een weg van vrede.
  3. 3. Die het lijden van de mensen uit jouw verste verte ziet: onderworpen aan de sterksten zo wil jij de mensen niet. Doe ons zien wat om ons is: tranen nog niet uitgewist mensen die niet leven mogen. Open jij nu onze ogen. Die het zuchten van de mensen in jouw diepste stilte hoort, kreten woede en verwensing stille onmacht zonder woord. geef geslagen mensen stem, niet in onmacht vastgeklemd niemand mag bij jou verloren. Open jij nu onze oren. Jij trekt mee om te bevrijden, brengt ons naar de overkant, daar zul jij de mensen leiden naar jouw toekomst: goed nieuw land. Neem ons allen bij de hand, naar jouw toekomst: goed nieuw land, dat wij ons gedragen weten. Ga met ons een weg van vrede.
  4. 4. Die het lijden van de mensen uit jouw verste verte ziet: onderworpen aan de sterksten zo wil jij de mensen niet. Doe ons zien wat om ons is: tranen nog niet uitgewist mensen die niet leven mogen. Open jij nu onze ogen. Die het zuchten van de mensen in jouw diepste stilte hoort, kreten woede en verwensing stille onmacht zonder woord. geef geslagen mensen stem, niet in onmacht vastgeklemd niemand mag bij jou verloren. Open jij nu onze oren. Jij trekt mee om te bevrijden, brengt ons naar de overkant, daar zul jij de mensen leiden naar jouw toekomst: goed nieuw land. Neem ons allen bij de hand, naar jouw toekomst: goed nieuw land, dat wij ons gedragen weten. Ga met ons een weg van vrede.
  5. 5. Die het lijden van de mensen uit jouw verste verte ziet: onderworpen aan de sterksten zo wil jij de mensen niet. Doe ons zien wat om ons is: tranen nog niet uitgewist mensen die niet leven mogen. Open jij nu onze ogen. Die het zuchten van de mensen in jouw diepste stilte hoort, kreten woede en verwensing stille onmacht zonder woord. geef geslagen mensen stem, niet in onmacht vastgeklemd niemand mag bij jou verloren. Open jij nu onze oren. Jij trekt mee om te bevrijden, brengt ons naar de overkant, daar zul jij de mensen leiden naar jouw toekomst: goed nieuw land. Neem ons allen bij de hand, naar jouw toekomst: goed nieuw land, dat wij ons gedragen weten. Ga met ons een weg van vrede.
  6. 6. Die het lijden van de mensen uit jouw verste verte ziet: onderworpen aan de sterksten zo wil jij de mensen niet. Doe ons zien wat om ons is: tranen nog niet uitgewist mensen die niet leven mogen. Open jij nu onze ogen. Die het zuchten van de mensen in jouw diepste stilte hoort, kreten woede en verwensing stille onmacht zonder woord. geef geslagen mensen stem, niet in onmacht vastgeklemd niemand mag bij jou verloren. Open jij nu onze oren. Jij trekt mee om te bevrijden, brengt ons naar de overkant, daar zul jij de mensen leiden naar jouw toekomst: goed nieuw land. Neem ons allen bij de hand, naar jouw toekomst: goed nieuw land, dat wij ons gedragen weten. Ga met ons een weg van vrede.
  7. 7. Dan nog, dan nog klamp ik mij klamp ik mij vast aan jou, of je wil of niet, op ongenade of genade, Ik zal red mij, red mij roepen of zoiets als heb mij lief. (Oosterhuis Huub / Huijbers Bernard)
  8. 8. E e r t G o d d i e o n z e V a d e r i s ; w e e s t a l l e n w e l g e m o e d . L o o f t H e m , g i j z u l t i n v r e d e z i j n . A a n b i d t a l w a t H i j d o e t . U , H e e r , k o m t a l l e l e v e n t o e e n w i e o f w a a r G i j z i j t , U i s d e m a c h t , U z i n g e n w i j d a n k v o o r u w h e e r l i j k h e i d .
  9. 9. L a m G o d s d a t o n z e z o n d e n d r a a g t , n e e m d e z e l o f z a n g a a n . G e d e n k o n s i n u w k o n i n k r i j k , w a n t J e z u s i s u w n a a m . G i j d i e v o o r o n s t e n b e s t e s p r e e k t , M e s s i a s , o n z e H e e r . O , é é n g e b o r e n Z o o n v a n G o d , k o m h a a s t i g t o t o n s w e e r . (Oosterhuis/ 16° eeuw)
  10. 10. G o d s n a a m d i e v e e l b e l o v e n d i s , w e e r l i c h t i n d e g e s c h i e d e n i s : J o u w w o o r d k l i n k t u i t d e h o o g t e . E n t o c h i s d a a r J o u w w o n i n g n i e t , d e s t e r r e n e n h e t d i e p v e r s c h i e t z i j n n i e t w a t J i j b e o o g d e . H e t o n g e h o o r d e k r i j g t z i j n s t e m , w i e n i e t g e z i e n i s h o o r t b i j H e m , m a g s p r e k e n d o p h e m l i j k e n
  11. 11. J i j b e n t e e n v e r e e n v r e e m d g e z i c h t , d e t o e k o m s t i n e e n a n d e r l i c h t v a n h o g e r h a n d g e g e v e n . W e e s , w e d u w e e n v r e e m d e l i n g a l s s t r e e p d o o r o n z e r e k e n i n g , G i j t e k e n t v o o r h e t l e v e n . H e t o n g e h o o r d e k r i j g t z i j n s t e m W i e n i e t g e z i e n i s h o o r t b i j H e m , m a g s p r e k e n d o p H e m l i j k e n .
  12. 12. [Voorganger] Ik geloof in God, mijn Schepper, Geloofsbelevenis
  13. 13. [Allen] die man en vrouw gemaakt heeft naar zijn beeld; die mij liefheeft als een vader en voor mij zorgt als een moeder; die mij troost en vergeeft en die mij altijd de mogelijkheid geeft opnieuw te beginnen.
  14. 14. [Vg] Ik geloof in Jezus Christus, [Al.] die, door God gezonden, mens is geworden, om ons nabij te zijn; die, helend en genezend, ons de liefde heeft voorgeleefd.
  15. 15. [Vg] Ik geloof in de Heilige Geest, [Al] die bezielt en vreugde brengt, die de mensen hoop geeft, die de bron is van mijn geloof.
  16. 16. [Vg.] Ik geloof dat de mensen elkaar nodig hebben om samen God te dienen, [Al] om de schepping voor iedereen leefbaar te maken door samen te delen en in eenvoud te leven, en zo te werken aan de komst van Gods rijk.
  17. 17. Laat onze woorden stijgen voor uw aangezicht als wierook. Zie in ons het verlangen een mens te zijn van U. Kom, adem ons open, Kom, adem ons open, adem ons open (Prins Sieds / Löwenthal Tom)
  18. 18. Om de mensen, godverlaten, vluchtelingen, doodswoestijn, om de woede, om de tranen roepen wij: “Je zou er zijn!” Om de haat en om de oorlog, de verbittering, de pijn, om die eindeloze cirkel vragen wij: “Zult Gij er zijn?” In een mens die helend leefde, in een woord, in brood en wijn, in ’t verlangen dat wij delen zegt Gij ons: “Ik zal er zijn!” Tegen onrecht, tegen honger, tegen grootspraak, valse schijn vieren wij de hoop op morgen, vragen wij: “Zult Gij er zijn?” Om de mensen, godverlaten, vluchtelingen, doodswoestijn, om de woede, om de tranen roepen wij: “Je zou er zijn!” In de mensen die volharden, trouw en onbevangen zijn, in wie opstaan, in wie troosten weten wij: “Gij zult er zijn”.
  19. 19. Om de mensen, godverlaten, vluchtelingen, doodswoestijn, om de woede, om de tranen roepen wij: “Je zou er zijn!” Om de haat en om de oorlog, de verbittering, de pijn, om die eindeloze cirkel vragen wij: “Zult Gij er zijn?” In een mens die helend leefde, in een woord, in brood en wijn, in ’t verlangen dat wij delen zegt Gij ons: “Ik zal er zijn!” Tegen onrecht, tegen honger, tegen grootspraak, valse schijn vieren wij de hoop op morgen, vragen wij: “Zult Gij er zijn?” Om de mensen, godverlaten, vluchtelingen, doodswoestijn, om de woede, om de tranen roepen wij: “Je zou er zijn!” In de mensen die volharden, trouw en onbevangen zijn, in wie opstaan, in wie troosten weten wij: “Gij zult er zijn”.
  20. 20. Om de mensen, godverlaten, vluchtelingen, doodswoestijn, om de woede, om de tranen roepen wij: “Je zou er zijn!” Om de haat en om de oorlog, de verbittering, de pijn, om die eindeloze cirkel vragen wij: “Zult Gij er zijn?” In een mens die helend leefde, in een woord, in brood en wijn, in ’t verlangen dat wij delen zegt Gij ons: “Ik zal er zijn!” Tegen onrecht, tegen honger, tegen grootspraak, valse schijn vieren wij de hoop op morgen, vragen wij: “Zult Gij er zijn?” Om de mensen, godverlaten, vluchtelingen, doodswoestijn, om de woede, om de tranen roepen wij: “Je zou er zijn!” In de mensen die volharden, trouw en onbevangen zijn, in wie opstaan, in wie troosten weten wij: “Gij zult er zijn”.
  21. 21. Om de mensen, godverlaten, vluchtelingen, doodswoestijn, om de woede, om de tranen roepen wij: “Je zou er zijn!” Om de haat en om de oorlog, de verbittering, de pijn, om die eindeloze cirkel vragen wij: “Zult Gij er zijn?” In een mens die helend leefde, in een woord, in brood en wijn, in ’t verlangen dat wij delen zegt Gij ons: “Ik zal er zijn!” Tegen onrecht, tegen honger, tegen grootspraak, valse schijn vieren wij de hoop op morgen, vragen wij: “Zult Gij er zijn?” Om de mensen, godverlaten, vluchtelingen, doodswoestijn, om de woede, om de tranen roepen wij: “Je zou er zijn!” In de mensen die volharden, trouw en onbevangen zijn, in wie opstaan, in wie troosten weten wij: “Gij zult er zijn”.
  22. 22. Om de mensen, godverlaten, vluchtelingen, doodswoestijn, om de woede, om de tranen roepen wij: “Je zou er zijn!” Om de haat en om de oorlog, de verbittering, de pijn, om die eindeloze cirkel vragen wij: “Zult Gij er zijn?” In een mens die helend leefde, in een woord, in brood en wijn, in ’t verlangen dat wij delen zegt Gij ons: “Ik zal er zijn!” Tegen onrecht, tegen honger, tegen grootspraak, valse schijn vieren wij de hoop op morgen, vragen wij: “Zult Gij er zijn?” Om de mensen, godverlaten, vluchtelingen, doodswoestijn, om de woede, om de tranen roepen wij: “Je zou er zijn!” In de mensen die volharden, trouw en onbevangen zijn, in wie opstaan, in wie troosten weten wij: “Gij zult er zijn”.
  23. 23. Om de mensen, godverlaten, vluchtelingen, doodswoestijn, om de woede, om de tranen roepen wij: “Je zou er zijn!” Om de haat en om de oorlog, de verbittering, de pijn, om die eindeloze cirkel vragen wij: “Zult Gij er zijn?” In een mens die helend leefde, in een woord, in brood en wijn, in ’t verlangen dat wij delen zegt Gij ons: “Ik zal er zijn!” Tegen onrecht, tegen honger, tegen grootspraak, valse schijn vieren wij de hoop op morgen, vragen wij: “Zult Gij er zijn?” Om de mensen, godverlaten, vluchtelingen, doodswoestijn, om de woede, om de tranen roepen wij: “Je zou er zijn!” In de mensen die volharden, trouw en onbevangen zijn, in wie opstaan, in wie troosten weten wij: “Gij zult er zijn”.
  24. 24. [Voorganger] Staande voor Jouw aangezicht bij de ingang van een nieuwe scheppingsweek bidden wij om Jouw aanwezigheid, Jouw sprekende stilte, Jouw tegenwoordigheid van geest in ons doen en laten. Rond de tafel…
  25. 25. [Allen] Maak dit samenscholen rond Jouw Naam tot een oase van vernieuwd elan, van inzicht en uitzicht. Doe ons opademen in Jouw geest van voortgaande bevrijding, mensen steeds meer open en ontvankelijk voor elkaar.
  26. 26. [Vg.] Herschep de rust die wij hier zoeken tot nieuwe onrust vanwege zoveel mensen onder de voet en vanwege vrede her en der in de knel.
  27. 27. [Al.] Maak de afleiding die wij zoeken bij Jou tot een rondleiding in de dingen die gebeuren moeten en geen uitstel dulden.
  28. 28. [Vg.] Maak onze heenreis naar Jou tot een terugreis naar elkaar. [Al.] Maak het gebed dat Jij ons nooit laat vallen tot nieuwe bereidheid om elkaar niet los te laten.
  29. 29. [Vg.] Help ons de doodse stilte rond Jouw Naam te verbreken door daden van recht en werken van vrede. Houd de ziel in ons lijf het hart bij ons hoofd, de droom bij de daad.
  30. 30. [Al.] Stoot ons aan, met deze gedachtenis aan Jezus en aan al zijn naamgenoten: brood en wijn, gedeeld en uitgeschonken, teken van moed en volharding op de lange weg van menswording naar Jouw scheppingswoord: Jij, licht en leven, alles in allen!
  31. 31. sé pou yo respekte non ou se pou yo rekonet se ou ki rwa se pou volonté ou fet sou tea tankou nan syel la… PAPA NOU Pen nou bezwen chak youa banou li jodia padone sa nou fè ou tankou nou padone moun ki fè nou kichoy délivré pitit ou yo anba tou sakap antravé PAPA NOU komandmank pouvwa sé pou ou lwanjak konpliman sé pou ou kounyea é pou tout tan. PAPA NOU
  32. 32. Hevenu shalom aleichem, hevenu shalom aleichem, hevenu shalom aleichem, hevenu shalom, shalom shalom aleichem.
  33. 33. Laat niet toe wie rampen brengen. Recht je rug bij tegenwind. Laat de mensen zelf maar denken. Wees nog sterker dan een kind. Dat nog duizend dagen komen, om te zeilen tegenwinds dat we steeds verwachten dat er duizend en één morgen komt. Wees als sterren aan de hemel. Lichtend voorbeeld, zonneschijn. Blijf niet dralen als zovelen. Nieuwe mensen kun je zijn. refrein En het oude tijd zal verbleken. Ja, een nieuwe tijd begint. Lang werd er al uitgekeken naar het recht dat overwint. refrein Breek uit vastgelopen paden, geef de hoop een nieuw gezicht. Wees al gaande zelf een rustpunt. En je leven wordt heel licht. Refrein.
  34. 34. Laat niet toe wie rampen brengen. Recht je rug bij tegenwind. Laat de mensen zelf maar denken. Wees nog sterker dan een kind. Dat nog duizend dagen komen, om te zeilen tegenwinds dat we steeds verwachten dat er duizend en één morgen komt. Wees als sterren aan de hemel. Lichtend voorbeeld, zonneschijn. Blijf niet dralen als zovelen. Nieuwe mensen kun je zijn. refrein En het oude tijd zal verbleken. Ja, een nieuwe tijd begint. Lang werd er al uitgekeken naar het recht dat overwint. refrein Breek uit vastgelopen paden, geef de hoop een nieuw gezicht. Wees al gaande zelf een rustpunt. En je leven wordt heel licht. Refrein.
  35. 35. Laat niet toe wie rampen brengen. Recht je rug bij tegenwind. Laat de mensen zelf maar denken. Wees nog sterker dan een kind. Dat nog duizend dagen komen, om te zeilen tegenwinds dat we steeds verwachten dat er duizend en één morgen komt. Wees als sterren aan de hemel. Lichtend voorbeeld, zonneschijn. Blijf niet dralen als zovelen. Nieuwe mensen kun je zijn. refrein En het oude tijd zal verbleken. Ja, een nieuwe tijd begint. Lang werd er al uitgekeken naar het recht dat overwint. refrein Breek uit vastgelopen paden, geef de hoop een nieuw gezicht. Wees al gaande zelf een rustpunt. En je leven wordt heel licht. Refrein.
  36. 36. Laat niet toe wie rampen brengen. Recht je rug bij tegenwind. Laat de mensen zelf maar denken. Wees nog sterker dan een kind. Dat nog duizend dagen komen, om te zeilen tegenwinds dat we steeds verwachten dat er duizend en één morgen komt. Wees als sterren aan de hemel. Lichtend voorbeeld, zonneschijn. Blijf niet dralen als zovelen. Nieuwe mensen kun je zijn. refrein En het oude tijd zal verbleken. Ja, een nieuwe tijd begint. Lang werd er al uitgekeken naar het recht dat overwint. refrein Breek uit vastgelopen paden, geef de hoop een nieuw gezicht. Wees al gaande zelf een rustpunt. En je leven wordt heel licht. Refrein.

×